Het gebruik van AI en andere slimme software: moet het onderwijs zich zorgen maken?

actueel
23 januari 2023
Adina van Dorresteijn
5 minuten

“Kan hij nog zelf nadenken?”, “Zorgelijke ontwikkeling!”, “Wees er maar trots op. En zo gaat de toekomstige generatie om met kennisoverdracht?” Dit zijn de reacties die binnenstromen als Klaas (16) via scholieren.com openbaar bekend maakt een beschouwing voor Nederlands met behulp van de chatbot ChatGPT te hebben geschreven.

Reacties op het bericht wanneer Klaas (16) bekend maakt een beeschouwing Nederlands gemaakt te hebben met ChatGPT

Google Translate gebruiken in taallessen op school

Maar kán Klaas nog zelf nadenken is de vraag? Uit mijn perspectief is Klaas het denken niet verleerd!
In mijn tijd als docent Duits, had ik graag meer leerlingen zoals hij in mijn klas willen hebben.
Bij een vak zoals Duits zal ChatGPT in de toekomst misschien ook een rol gaan spelen. Wat daar al sinds jaren door leerlingen (en docenten) niet meer weg te denken is, is Google Translate.

Mijn eerste jaren voor de klas bracht ik door met leerlingen vertellen om Google Translate niet te gebruiken, maar in plaats daarvan door mij goedgekeurde digitale woordenboeken in te zetten. Het ingeleverde huiswerk bevatte steeds weer werkwoordvormen die veel te ingewikkeld geformuleerd waren voor leerlingen die voor het eerst met de Duitse taal in aanraking kwamen. Ook was het gebruik van “haben und sein” ineens perfect toegepast. Maar tegelijkertijd merkte ik dat ze vragen over het huiswerk in de les niet konden beantwoorden.

Wat mij het meeste is bijgebleven uit mijn docenttijd is die keer dat mijn leerlingen thuis een video over bakken in het Duits moesten opnemen. Verschillende leerlingen mengden een “Anzug” (het maatpak) in een “komm” (kom; werkwoord ‘komen’) in plaats van een “Packung”(het pak) in een “Schüssel” (de kom). Dit vertelden ze vrolijk en vol zelfvertrouwen in de gemaakte video’s.

tijd voor een andere lesaanpak

Bij de bak-video’s viel mij op dat het vertrouwen van de leerlingen in Google Translate erg groot was. Ze maakten geen gebruik van hun kennis over werkwoorden en zelfstandige naamwoorden. Ze wisten niet wat elk woord op zichzelf betekende. Voor mij was het duidelijk: Google Translate verbieden werkt in de praktijk niet. Maar hoe kon ik met dit gegeven toch het Duits van de leerlingen opkrikken?  

De volgende les besteedde ik aandacht aan de vaardigheden die de leerlingen nodig hebben als ze de tools die tegenwoordig bestaan, zoals Google Translate, zelfstandig willen gebruiken. Hoe herken je een zelfstandig naamwoord in het Duits? Hoe weet ik of ik de goede vorm van een werkwoord gebruik? Heeft het woord dat ik heb gekozen wel de juiste betekenis in de andere taal?

We lazen samen door Google Translate gemaakte zinnen. Alleen al het hardop voorlezen van die zinnen zorgde soms al voor het ontdekken van de fouten.  Woorden die een leerling niet kon onthouden of voorlezen, vervingen we door een woord dat beter bij het niveau paste. Spelfouten die waren ingevoerd en niet waren vertaald, konden worden verbeterd. We kwamen erachter wat er gebeurt als je een Duits “hoofletterwoord” zoals “Anzug” en “Packung” met Google Afbeeldingen zoeken. Welke van de twee was meer geschikt voor de bakopdracht?

wat zeg je nou? ChatGPT dan ook maar toestaan in de klas?

Als ik over moderne techniek nadenk, dan weet ik dat mijn vroegere ik er ook van in de stress schoot. De commentaarsectie onder een artikel zoals deze resoneert met de angsten die ik had, voordat ik bewust over het gebruik van digitale hulpmiddelen na ging denken.
De grote vraag voor mij is niet: kunnen we het nog tegen houden?, maar: hoe kunnen we de nieuwe techniek omarmen? Het doel is niet het gebruik van moderne tools. We moeten vooral bewustzijn vergroten op welke momenten en op welke manier ze een toegevoegde waarde hebben.

In het artikel van scholieren.com waarin Klaas over zijn ervaring verteld, laat hij zelf weten dat de tekst zonder zijn toedoen niet geschikt zou zijn geweest voor het doeleinde. Hij was zich ervan bewust dat hij tijd kan besparen door de ChatGPT te gebruiken. Máár hij wist ook dat hij zijn eigen kennis over de opmaak van Nederlandse beschouwingen (het stuk dat hij in moest leveren), in moest inzetten om de verkregen informatie passend te maken.
Door kritisch te kijken naar wat de chatbot gecreëerd had, leerde hij op een meta-niveau over beschouwingen. Zo zette hij de tool dus niet alleen in om te sjoemelen, maar was hij op een slimme manier bezig met de opdracht.

Dat we een woordenboek en een rekenmachine op onze smartphones hebben staan, betekent nog niet dat we een taal vloeiend kunnen spreken of dat we nooit meer over rekensommen hoeven na te denken. Uiteindelijk gaat het erom te weten wat we door middel van digitale tools en AI kunnen bereiken. Als we een computer voor ons willen laten denken, dan moeten we er ook over nadenken in welke situaties dat zinvol is. In het onderwijs van nu zetten leerlingen gewild en ongewild alles in wat voor hen ter beschikking staat. Het is dus aan ons om hen te helpen kritisch na te denken. Op deze manier leren zij duurzaam omgaan met tools zoals ChatGPT, Google Translate en nog veel meer.

verder praten of meer weten?

Heeft deze blog je kunnen inspireren of heb je juist een hele andere mening? Of wil je meer weten over hoe work21 jouw organisatie kan ondersteunen bij het omgaan met de kansen en uitdagingen van nieuwe technologie in het onderwijs? Neem dan contact op met Adina van Dorresteijn.